Culturele Raad Zuid-Holland / SSKV: april 1996

" Het stilleven en de gaatjescamera"

Het reliëf dat Hans Kuyper voor de tentoonstelling heeft gemaakt, mag je een stilleven noemen, maar een heel andere omschrijving zou evengoed van toepassing zijn. In de eigentijdse beeldende kunst worden verschillende genres en stijlen door elkaar gebruikt als het de kunstenaars zo uitkomt, en men trekt zich weinig aan van het traditionele onderscheid tussen schilderen en beeldhouwen. Alles mag in de hedendaagse kunst. Hans Kuyper is opgeleid als beeldhouwer aan de Haagse Academie voor Beeldende Kunst. Daar leerde hij op een traditionele manier in steen te hakken, met klei te boetseren en modellen te maken in gips, die later in brons konden worden afgegoten. Na zijn opleiding wilde hij graag enkele jaren buiten Nederland verder studeren. Hij kreeg een beurs voor Mexico, waar hij ruim twee jaar bleef. Op de academie in Mexico kon hij naar zijn gevoel als beeldhouwer weinig nieuws leren. Uitgelokt door de kleuren van het land besloot hij te gaan schilderen. Met zijn reliëfs bevindt Hans Kuyper zich nog altijd op het snijpunt van een sculptuur en een schilderij. Hij werkt met stukken blik en lood, waaruit hij vormen knipt en vouwt. Die losse elementen worden beschilderd en samengevoegd tot een voorstelling: meestal een landschap soms een ander tafereel met herkenbare figuren. Deze compositie van samengevoegde vormen wordt aan de wand gehangen. En werkt zo als een soort ruimtelijk schilderij zonder lijst. Het werken met lood en blik is niet gemakkelijk, want deze metalen zijn een stuk weerbarstiger dan bijvoorbeeld klei en was. De vormen komen dan ook niet spontaan tot stand. Hans Kuyper bedenkt van te voren wat hij ongeveer wil, maakt een schetsje en tekent de vorm desnoods af op het materiaal. Maar inmiddels heeft hij zo'n vaardigheid verkregen in het knippen van metaal, dat hij tijdens het werk invallen kan verwerken en van gedachte kan veranderen. Een reliëf ontstaat dus bijna altijd uit de wisselwerking tussen plan en inval. Een schets leidt tot een vorm, een vorm verandert en leidt tot nieuwe schetsen. Het uiteindelijke resultaat staat dus zeker niet altijd lang van te voren vast. 
Het stilleven dat Hans Kuyper voor de gaatjescamera samenstelde, heeft hij net als Anna Pool, speciaal voor kinderen bedacht. Hij heeft gezocht naar voorwerpen die hem herinnerden aan zijn eigen jeugd: een poppetje, boompjes die je naast de rails van een speelgoedtrein zet, een huisje van blokken. Het hele tafereel werd gecompleteerd met papier dat van een afstand water lijkt te zijn en een foto van een lucht met witte wolken Hans Kuyper houdt van het landschap rondom Delft, waar hij woont. Tijdens wandelingen of fietstochten fotografeert hij] het grasland, de bomen aan de waterkant, een sloot waarin bladeren drijven, en natuurlijk de Hollandse wolkenlucht Die beelden gebruikt hij regelmatig in zijn reliëfs. Niet precies hetzelfde, ze worden niet in blik nagemaakt, maar ze geven meestal wel de contouren aan waarmee de verschillende vormen en figuren binnen een compositie op hun plaats gehouden worden. Door die wolken en het water lijkt zijn stilleven toch wel erg op een landschap, zou je denken. 'Dat is waar', zegt Hans Kuyper, 'maar het gaat er toch vooral om hoe je de losse elementen rangschikt in een compositie. Of je dat nu een landschap wilt noemen of een stilleven, dat maakt niet zo veel uit'. En inderdaad, het gaat natuurlijk om een compositie van stukken beschilderd blik die je ook mag beschouwen als vormen op zich. Net als bij de schilderijen van Marja de Raadt, zijn de vormen ook beeldend buiten de voorstelling om. Hoe het ook zij, puur als vorm beschouwd of juist als concrete voorstelling, de aanleiding voor een reliëf is voor Hans Kuyper toch altijd een verhaaltje in zijn hoofd. Dat kan van alles zijn, iets wat hij gelezen heeft, een herinnering aan vroeger of een voorval uit het dagelijks leven. 'Ik wil niet uitgaan van de vorm alleen', zegt hij, 'ik vind het ook belangrijk dat het ergens over gaat'. Schilderij of plastiek, spontaan of gepland, landschap of stilleven, vorm of verhaal, de reliëfs van Hans Kuyper zijn niet in eenduidige begrippen te vangen. Maar is dat niet het kenmerk van alle beeldende kunst, waar je niet zo vlug op uitgekeken raakt?